Gepost op

Zo stap je over van je oude spiegelreflex naar de gloednieuwe Canon EOS R of Nikon Z systeemcamera

Nikon Z7 en Z6

Eindelijk hebben Canon en Nikon een nieuw camerasysteem aangekondigd en gaan ze zich serieus op de systeemcamera richten. De grote vraag is nu, wanneer je het beste kunt overstappen naar Canon EOS R of Nikon Z. In deel 1 heb ik verteld welke ontwikkelingen er op de cameramarkt plaatsvinden en wat Canon EOS R en Nikon Z precies inhoudt. In dit artikel laat ik je zien hoe je de overstap slim aanpakt.

Twee nieuwe camerasystemen, en nu?

De introductie van het Canon EOS R en Nikon Z camerasysteem zijn de start van een belangrijke omwenteling. Wat betekent dit voor jou? Op het moment dat een fabrikant een heel nieuw camerasysteem introduceert, moet je je altijd goed afvragen of je nu al in dit nieuwe systeem wilt investeren, maar ook of het nog wel zo slim is om geld in het oude systeem te blijven steken. Ga er maar vanuit dat het oude systeem nog wel even blijft bestaan, maar op termijn steeds minder aandacht krijgt en ooit zelfs zal uitsterven. Op een bepaald moment komen er bijvoorbeeld geen nieuwe camera’s en objectieven meer uit, en ooit stoppen de firmware updates en zijn reparaties niet meer mogelijk.

De grote vraag is daarom: heeft het nu nog zin om een spiegelreflex of een objectief bedoeld voor een spiegelreflex te kopen of te vervangen?

Er komt een moment waarop je bijna niet anders kan dan overstappen. Tenzij je het “voor de rest van je leven” wilt doen met wat je al hebt. Want het houdt gewoon een keer op. Er wordt straks niets nieuws meer ontwikkeld voor spiegelreflexen. Aan de andere kant is het nieuwe systeem de komende jaren nog volop in ontwikkelingen en zijn er vooral in het begin maar één of twee systeemcamera’s en zoiets als drie of vier lenzen beschikbaar. Dus nu meteen al je fotoapparatuur inruilen voor iets nieuws is misschien wat voorbarig.

Fabrikanten zijn wel zo slim om in ieder geval de meest gangbare objectieven als eerste uit te brengen. Sommige fotografen kunnen daarom al wel meteen volledig overstappen. Heb je een royale verzameling lenzen of een wat meer specialistisch objectief zoals een tilt-shiftlens, dan moet je helaas nog even geduld hebben voordat je volledig over kan.

Photokina 2012 - Kees Krick Media
Hoe stap je slim over op een nieuw camerasysteem?

Lensadapter ‘to the rescue’

Gelukkig is er altijd nog de redder in nood genaamd de lensadapter. De achilleshiel van een nieuw camerasysteem is namelijk altijd de beschikbaarheid van objectieven. Een fabrikant kan gewoonweg niet in één keer alle lenzen opnieuw ontwerpen en uitbrengen. Daar gaan jaren overheen. Daarom stellen ze je in staat om via een speciale adapter je bestaande lenzen, dus die van het oude spiegelreflexsysteem, op een systeemcamera van het nieuwe camerasysteem te gebruiken.

Ideaal, want dan kun je niet alleen je huidige dure lenzen blijven gebruiken, maar ook in je eigen tempo, stap voor stap, spiegelreflexlenzen vervangen voor nieuwe exemplaren. Theoretisch zou je zelfs eeuwig met je bestaande lenzen kunnen doorgaan door alleen een nieuwe systeemcamera met adapter te kopen, maar dan profiteer je niet optimaal van de voordelen en extra mogelijkheden van het nieuwe camerasysteem.

Vervangingstraject

Hoe kan een vervangingstraject eruitzien? Dat is voor iedereen weer anders, maar ik kan je wel een aantal richtlijnen geven waar je hopelijk iets aan hebt. Zelf vind ik het prettig om niet in een (ver)oud(erd) camerasysteem te investeren. Het is zakelijk en financieel gezien gewoon niet zo slim om veel geld aan een camera of objectief uit te geven, terwijl je nu al weet dat het een doodlopend spoor is. Als het niet hoeft, doe het dan liever niet. Stel een aankoop nog even uit als het niet per se nodig is, of leen of huur een lens die je maar sporadisch nodig hebt, of kies voor een goedkope tweedehands. Mijn insteek is dus om in ieder geval zo snel als redelijkerwijs mogelijk is over te stappen.

Voordeel van vroegtijdig instappen is meteen ook dat je aanzienlijk meer terugkrijgt voor je huidige apparatuur. Want tegen het einde van de levenscyclus van jouw spiegelreflexsysteem, heeft niemand daar nog veel geld voor over. Onder de streep kan het daarom nog best rendabel zijn om niet al te lang te wachten met overstappen.

Eerst de camera

Je zou als eerste jouw spiegelreflex kunnen vervangen door een systeemcamera, op het moment dat er een model is uitgekomen dat (grotendeels) aan jouw eisen en wensen voldoet. Dat kan al meteen het eerste model zijn (in het geval van Canon en Nikon, want bij Sony, FujiFilm, Olympus en Panasonic heb je nu al ruim de keuze), maar kan ook prima een van de toekomstige cameramodellen zijn. Naar verwachting komt er elk jaar wel minstens één camera bij, zeker in de beginjaren.

Niet elke fotograaf stelt dezelfde eisen aan zijn apparatuur. Systeemcamera’s presteren tegenwoordig bijzonder goed en komen dicht in de buurt of overtreffen de prestaties van de spiegelreflex inmiddels ruimschoots. Daarnaast vinden alle handige en slimme ontwikkelingen waar je als fotograaf veel profijt van hebt vooral plaats bij de systeemcamera. Bij de spiegelreflex gebeurt tegenwoordig nog maar weinig innovatiefs. Beide soorten camera’s hebben zo hun voordelen en nadelen. Het hangt vooral af van jouw persoonlijke situatie, je eisen en wensen, of en wanneer je idealiter overstapt. Net zoals de keuze tussen full frame en APS-C een persoonlijke afweging is.

Adapter of nieuwe lenzen

Heb je eenmaal een camera uit het nieuwe systeem in huis, dan kun je in ieder geval nog even door met je bestaande lenzenverzameling. Mits je de adapter erbij koopt. Soms krijg je hem er zelfs gratis bij, dus houdt de promotieacties van fabrikanten en winkels goed in de gaten. Eventueel vervang je op dit punt meteen ook jouw meest gebruikte lens (of lenzen) alvast door een vergelijkbaar exemplaar die speciaal is ontworpen voor het nieuwe Canon EOS R of Nikon Z camerasysteem. Want alleen dan profiteer je optimaal van het nieuwe camerasysteem en allerlei moderne snufjes.

Zoals gezegd is de lenskeuze in het begin wel erg beperkt. In de praktijk kom je daarom al snel bij een standaardzoomlens of lichtsterke prime terecht. In een volgende iteratie is je groothoeklens en/of telelens aan de beurt. Houd de lens roadmap van Canon of Nikon goed in de gaten, zodat je weet wanneer je welke lens kunt verwachten. Het is wel zo handig als je weet welke lenzen en brandpuntsafstanden je voornamelijk gebruikt.

Vervangen van de overige objectieven

Heb je de camera en eventueel je meest gebruikte lenzen vervangen? Daarna is het een kwestie van de resterende lenzen vervangen in een tempo naar keuze. Hier ben je wel sterk afhankelijk van wanneer een fabrikant welke lenzen uitbrengt (de lens roadmap) voor jouw nieuwe camera.

Objectieven die je weinig tot zelden gebruikt vervang je misschien helemaal niet en blijf je met de adapter gebruiken. Of je wacht tot er een leuke aanbieding is, of je koopt op termijn een tweedehandsje (soms koopt iemand een objectief en verkoopt hem vrij snel weer, dus ook in de begintijd kan er al iets beschikbaar komen). Die keuze is helemaal aan jou.

Overstappen naar de buren

Zoals gezegd duurt het altijd een aantal jaren voordat een camerasysteem min of meer volwassen is. Waarmee ik bedoel dat je een lange adem nodig hebt, want het duurt nog wel even voordat er een voldoende ruime keuze is uit cameramodellen en vooral ook voordat alle objectieven er zijn die jij nodig hebt.

Heb je daar het geduld niet voor? Vooralsnog doorgaan met je huidige apparatuur om ergens in de toekomst in één keer over te schakelen is dan een optie. Zolang je accepteert dat je straks veel minder terugkrijgt voor jouw huidige apparatuur en zolang je ook kunt voorkomen dat je tussentijds apparatuur moet bijkopen voor jouw spiegelreflexuitrusting (tenzij tweedehands voor een prikkie).

Wat ook nog kan, is overstappen naar een merk dat al een nagenoeg compleet camerasysteem aanbiedt. Sony, FujiFilm, Olympus en Panasonic hebben allemaal een flinke voorsprong van vele jaren vergeleken met Canon en Nikon. Bij deze fabrikanten heb je nu al een ruime keuze aan systeemcamera’s en objectieven. Zodat je op dit moment en eventueel zelfs in één keer alles wat je hebt kunt vervangen.

Je moet dan wel afscheid kunnen en willen nemen van jouw vertrouwde cameramerk. Je bent zeker niet de enige of de eerste, laat staan de laatste die zo’n stap waagt.

Nieuw? Hoezo nieuw?

Stil blijven zitten en niets doen kan ook. Ben je tevreden met jouw spiegelreflex en objectieven en werkt alles naar behoren, dan is daar niets mis mee. Zolang je maar rekening houdt met alles wat ik hierboven en in deel 1 verteld heb.

Momenteel zijn vintage camera’s enorm populair. Dus wie nog een klassieke mechanische camera waarin je filmrolletjes stopt op de plank heeft liggen, hoeft niet allerlei rommelmarkten af te struinen om er alsnog eentje op de kop te tikken.

Zo zullen er in de toekomst vast een aantal fotografen overblijven met wat tegen die tijd een vintage digitale spiegelreflex is. Al vermoed ik dat de technische levensduur van onze huidige spiegelreflexcamera’s flink korter is dan de oerdegelijke mechanische camera’s van toen, maar dat zien we tegen die tijd wel weer.