Geplaatst op

Minimale scherpstelafstand: waarom jouw telefoon soms ‘stiekem’ een andere camera gebruikt dan jij denkt

Wat is minimale scherpstelafstand Kees krick Media

Bij een smartphone gebeurt iets heel bijzonders zodra je met de camera ergens te dichtbij komt. Precies dat is de reden waarom de foto’s die je dan maakt op zich wel scherp lijken, maar als je ze wat beter bekijkt veel minder details bevatten dan je zou verwachten. Ik laat zien hoe dat zit en ook hoe je het voorkomt.

Tip: Wil ook jij de mooiste foto’s maken met jouw smartphone? Volg dan een workshop smartphone fotografie bij mij. Het maakt niet uit welke telefoon je hebt.

Wat er gebeurt heeft alles te maken met de zogeheten minimale scherpstelafstand: het dichtstbijzijnde punt waarop de lens van een camera nog kan scherpstellen. Neem je een willekeurig onderwerp ook maar een fractie dichterbij in beeld, dan lukt het niet langer om dit scherp te krijgen. Hoe dichterbij je komt, hoe waziger alles wordt. Dit geldt niet alleen voor camera’s en telefooncamera’s, maar voor alles met een lens. Dus ook voor jouw ogen of zoiets als een verrekijker.

Het bijzondere is dat je met een smartphone in eerste instantie niets merkt van deze toch wel grote beperking. Niet omdat er ineens geen minimale scherpstelafstand geldt, maar omdat het via een slim trucje wordt ‘omzeild’. Erg handig, maar het gevolg is helaas wel dat jouw foto’s er een stuk minder mooi van worden.

Overschakelen en bijsnijden

Zodra jouw telefoon merkt dat je ergens te dichtbij komt waardoor de lens van de camera niet meer kan scherpstellen, wordt er automatisch overgeschakeld naar een andere camera die nog wél kan scherpstellen. Slim, niet?

Stel, je fotografeert met de 1x-camera (het 1x-pictogram is geselecteerd). Zodra je hiermee te dicht bij je onderwerp komt en de minimale scherpstelafstand overschrijdt, schakelt jouw smartphone automatisch over naar de 0,5x of 0,6x camera (je hebt altijd maar één van deze twee). Die camera kan namelijk aanzienlijk dichterbij scherpstellen, meestal zelfs tot op een paar centimeter. Met als grote voordeel dat je van heel dichtbij nog steeds scherpe foto’s kunt maken.

Met 0,5x (of 0,6x) zie je alleen wel ineens twee keer zoveel in beeld vergeleken met de 1x-camera. Dus wat doet jouw telefoon? Die snijdt het beeld langs alle vier de fotoranden netjes bij, zodat je alsnog nagenoeg hetzelfde ziet als daarnet met de 1x-camera. Het beeld is nog steeds scherp, alleen ontbreekt helaas enorm veel detaillering doordat er zo enorm veel beeldmateriaal is weggesneden om de 0,5x-camera te laten lijken op de 1x-camera. Immers: 2x bijsnijden (digitaal inzoomen) betekent dat nog maar een kwart van het originele beeldmateriaal overblijft en dát zie je helaas overduidelijk.

Het voordeel van deze wisseltruc is dat er nog steeds kan worden scherpgesteld, het nadeel is dat er heel veel details verloren gaan omdat er een sterke uitsnede wordt gemaakt.

Opmerking: zodra van 1x naar 0,5x (of 0,6x) wordt overgeschakeld licht bij veel telefoons een macropictogram op, meestal een geel bloemetje. Want macromodus houdt bij de meeste telefoons in dat het zojuist beschreven trucje word toegepast.

Hoe groter hoe verder

Als stelregel kun je ervan uitgaan dat hoe meer een telefooncamera vergroot, hoe groter de minimale scherpstelafstand zal zijn. Dus met 0,5x of 0,6x kun je altijd het dichtst bij je onderwerp komen (tot op enkele centimeters), met 1x is dat al een stuk minder (bijvoorbeeld tien tot twintig centimeter) en met een telelens (zoals 3x of 5x) moet je echt behoorlijk wat afstand aanhouden (tientallen centimeters tot soms wel een meter).

Dankzij dit trucje wordt voorkomen dat je zomaar ineens een onscherpe foto krijgt als je een onderwerp van te dichtbij fotografeert. Het is dus vooral bedacht om het jou en mij zo makkelijk mogelijk te maken. Simpelweg door automatisch over te schakelen naar een andere camera die dan nog wel kan scherpstellen en tegelijkertijd het beeld bij te snijden zodat je nagenoeg hetzelfde in beeld blijft zien.

Er verschijnt geen bericht of pictogram (behalve bij macromodus) zodra dit gebeurt en je ziet het ook niet aan de cameragetallen onderaan het camerascherm (de vergrotingen bij de witte afdrukknop). Dus heb jij bijvoorbeeld voor 1x gekozen? Dan lijkt het of nog steeds die camera is geselecteerd, terwijl jouw telefoon in werkelijkheid ‘stiekem’ met 0,5x of 0,6x werkt.

Verspringen van het beeld

Als je heel goed oplet zie je het soms wel gebeuren. Want omdat de camera’s aan de achterzijde van jouw telefoon een stukje naast of onder elkaar zitten, hebben ze een net iets andere kijk op de wereld. Zodra jouw telefoon omschakelt zie je het beeld daarom lichtjes verspringen en veranderen.

Zoek maar eens een plekje op waar je redelijk ver van je af kunt kijken, schakel de telelens in en richt jouw telefoon op dit uitzicht. Houd vervolgens je wijsvinger op ongeveer vijftien centimeter voor de camera. Dan zie je het direct gebeuren. Of doe het met de 1x-camera als er geen telelens op jouw telefoon zit.

Je ziet het ook terug in de fotodetails. Want daar wordt altijd aangegeven welke camera écht is gebruikt. Dus heb jij de 3x camera gebruikt en zie je in de fotodetails de 1x-camera staan? Dan weet je nu hoe dat komt en wat er aan de hand is. In mijn artikel over “echte en nepcamera’s” lees je hoe je deze fotodetails eenvoudig uitleest en interpreteert.

Blijf op gepaste afstand

Dé oplossing om scherpe foto’s met zoveel mogelijk details te maken? Neem zodra je de camera ziet overspringen iets meer afstand, net zolang tot je merkt dat er weer wordt teruggesprongen naar de door jou gekozen camera. Alleen dan krijg je de beste en hoogste beeldkwaliteit.

Test eventueel een keertje uit wat de minimale scherpstelafstand is van elk van de camera’s op jouw telefoon. Dat kan vrij eenvoudig door vanaf een afstandje steeds dichter naar een object toe te gaan tot je ziet dat het beeld verspringt. Dat is altijd één van de eerste dingen die ik doe zodra ik een nieuwe smartphone heb gekocht.

Je mist vooral veel details zodra de telefoon overschakelt van de telelens (zoals 3x of 5x) naar de 1x-hoofdcamera. Want in dat geval moet het beeld van de 1x-camera een enorm eind worden bijgesneden om te simuleren dat je nog steeds 3x of 5x gebruikt. Maar het kan nóg erger!

Want kom je vervolgens nóg dichterbij tot ook de 1x-hoofdcamera het niet meer aankan? Dan wordt er zelfs een tweede keer overgeschakeld! Dus eerst ga je van 3x of 5x naar 1x en daarna maak je de stap van 1x naar 0,5x of 0,6x. In dat geval kan jouw telefoon nog steeds gewoon blijven focussen, maar zie je nóg veel minder details in je foto ’s terug. Immers, er is twee keer naar een andere camera gesprongen en zodoende wordt gigantisch veel beeldmateriaal weggesneden.

Opmerking: het gaat in dit artikel alleen om een gebrek aan fotodetails vanwege de hier door mij beschreven lensschakeltruc. Niet om wazige foto’s omdat er niet op het juiste punt is scherpgesteld en ook niet omdat je digitaal hebt ingezoomd via zoiets als pinch-to-zoom.

Samenvatting

  • Elke lens heeft een zogeheten minimale scherpstelafstand, dichterbij kun je niet scherpstellen
  • Jouw smartphone lost dit op en kiest automatisch een andere camera die dat nog wel kan
  • Tegelijkertijd wordt het beeld bijgesneden zodat je hetzelfde in beeld blijft ziet (alsof er niet van camera is gewisseld)
  • De foto is nu wel scherp, maar mist erg veel details omdat de foto zo sterk is bijgesneden
  • Houd dan iets meer afstand om te voorkomen dat er van camera gewisseld wordt, alleen dan krijg je foto’s met de beste detaillering en de hoogste beeldkwaliteit
  • Op het scherm zie je niet dat er een andere camera gebruikt wordt, wel zie je het beeld verspringen en is het achteraf in de fotodetails te zien

Tip: Wil ook jij de mooiste foto’s maken met jouw smartphone? Volg dan een workshop smartphone fotografie bij mij. Het maakt niet uit welke telefoon je hebt.

Op mijn website en in mijn eBooks vertel ik vanuit mijn eigen kennis en ervaring. Wat je hier leest heb ik zelf ondervonden en diepgaand onderzocht, waarbij ik altijd op zoek ga naar de handigste werking, beste oplossing, of slimste methode.

Ook licht ik graag toe waarom iets zo werkt, wanneer bepaald gedrag optreedt en waar je in welke situatie(s) rekening mee moet houden.

Daardoor blijft het bij een tip, advies, of oplossing niet bij het ‘domweg’ uitvoeren van een trucje, maar begrijpt je echt waarom, hoe en wanneer je iets het beste toepast.