Geplaatst op

Portretmodus versus (echte) diafragma bij de iPhone 18 (Pro en Pro Max)

Nu de iPhone 18 Pro en iPhone 18 Pro Max over een instelbaar diafragma beschikken, is er mogelijk een complicatie waarvan ik mij afvraag hoe Apple dit gaat oplossen en uitleggen aan iPhone 18 gebruikers zodra de iPhone 18-serie daadwerkelijk te koop is.

In mijn vorige artikel heb ik toegelicht wat een variabel diafragma is en wat je eraan hebt. Ook vertelde ik dat er nog zoiets als portretmodus bestaat. Portretmodus is speciaal bedacht om het hoofdonderwerp (een persoon, dier, of voorwerp) scherp vast te leggen tegen een mooi vervaagde achtergrond. Iets dat optisch helemaal niet kan met een telefoon. Het gaat dan ook om een synthetisch vervagingseffect, een fotobewerking waarmee de echte optische vervaging van een grote camera heel realistisch wordt gesimuleerd.

Virtueel diafragma

In portretmodus op een iPhone regel je deze vervagingssterkte heel eenvoudig door via een schuifregelaar een diafragmawaarde te kiezen (in totaal 22 keuzes, waaronder: f/1.4, f/2, f/2.8, f/4, f/5.6, f/8, f/11 of f/16).

Heel belangrijk om te weten: het gaat in dit geval niet om een echte, instelbare diafragmawaarde, maar om een virtuele diafragmawaarde. Immers, het is synthetische vervaging. Vandaar dat dit op alle iPhones werkt die over portretmodus beschikken en niet alleen op de nieuwste iPhone 18 (Pro en Pro Max) die vooralsnog als enige over een variabel diafragma beschikken.

Kies je bijvoorbeeld f/4 in portretmodus? Dan krijg je nagenoeg hetzelfde vervagingseffect te zien als bij een grote / traditionele camera (voor kenners: hetzelfde effect als bij een zogeheten fullframe camera, in de analoge tijd werd dat kleinbeeld of 35 millimeter genoemd). Handig, want als fotograaf weet ik daardoor precies wat ik kan verwachten, ongeacht of ik een foto maak met mijn telefoon of met die grote, dure, zware ‘ouderwetse’ camera.

Fysiek diafragma

Maar nu komt het… de iPhone 18 Pro (Max) heeft een instelbaar diafragma. Hierop kun je straks in de gewone fotomodus voor één van de vier échte fysieke diafragmastanden kiezen, namelijk f/1.48, f/1.8, f/2.8, of f/4.0. In dit geval gaat het dus niet om synthetische vervaging, maar om het echte optisch effect behorende bij de daadwerkelijke fysieke aanpassing van het diafragma. En helaas, helaas, helaas, dan geeft een fysiek diafragma zoals f/4 niet de prachtig vervaagde achtergrond zoals we die van f/4 uit portretmodus kennen. Sterker nog, de achtergrond zal nu juist scherper ogen dan we gewend zijn met de gewone fotostand op eerdere iPhones zonder variabel diafragma!

Diafragma, optisch of virtueel

Twee totaal verschillende effecten dus, terwijl je in beide gevallen voor (bijvoorbeeld) f/4 kiest. Simpelweg omdat het ene een softwarematig effect is dat naar smaak kan worden toegepast, en het andere puur optisch is. Waarom er een verschil bestaat tussen de achtergrondvervaging van een telefoon en een traditionele camera leg ik in een toekomstig artikel uit.

Voor nu heb ik alvast een eenvoudig ezelsbruggetje voor je: hoe groter de camera, hoe vager je de achtergrond kunt maken. En andersom, hoe kleiner de camera, hoe scherper de achtergrond blijft. Bij een telefoon (heel kleine camera) zal de achtergrond daardoor aanzienlijk scherper zijn dan wanneer je met een grotere camera (zoals APS-C of fullframe) werkt. Vandaar dus dat portretmodus in het leven is geroepen.

Automatisch en zelf instelbaar diafragma

Ik ben erg benieuwd hoe Apple gaat uitleggen dat (bijvoorbeeld) f/2.8 of f/4 in portretmodus een totaal ander vervagingseffect geeft vergeleken met het variabele diafragma ingesteld op f/2.8 of f/4 in de gewone fotostand. Dat moet toch tot grote verbazing en heel wat bezorgde vragen leiden bij gebruikers van een iPhone 18 Pro (Max)…

Vooral ook omdat je sinds enkele jaren zelfs in de gewone fotomodus synthetische vervaging aan je foto’s kunt toevoegen, waardoor het lijkt of je naar portretmodus bent overgeschakeld. Daardoor zijn er op een iPhone 18 straks dus ineens twee regelaars in de camerastand Foto te vinden die ogenschijnlijk min of meer hetzelfde lijken te doen: eentje om het echte fysieke diafragma in te stellen (4 standen) en eentje die we al langer kennen waarmee je het synthetische vervagingseffect instelt (8 standen).

Laat je de (fysieke) diafragmawaarde met rust? Dan zal jouw iPhone telkens zelf de meest optimale instelling kiezen. Dus standaard wordt waarschijnlijk gewoon f/1.8 gebruikt (een diafragma dat vergelijkbaar is met dat van bijvoorbeeld de iPhone 17), bij weinig licht wordt naar f/1.48 overgeschakeld om extra veel licht op te vangen (kleiner getal betekent lichtsterker), terwijl bij opnamen van dichtbij en bij groepsfoto’s f/2.8 of f/4 wordt genomen zodat de hele groep of het hele onderwerp mooi scherp op de foto komt (in plaats van slechts een gedeelte of één persoon).

Mocht je dat willen, dan kun je ook zelf de fysieke grootte van de lensopening (het diafragma) aanpassen, door handmatig voor f/1.48, f/1.8, f/2.8 of f/4.0 te kiezen, in plaats van dit automatisch te laten verlopen.

Grappig / opmerkelijk detail: de optie om de synthetische vervaging van portretmodus naar smaak in te stellen heette tot voor kort Diafragma. Vanaf IOS 27 noemt Apple deze optie ineens Diepte. Dit is duidelijk gedaan om onderscheid te maken én verwarring te voorkomen gezien het nieuwe fysieke variabele diafragma van de iPhone 18.

Tip: Wil ook jij de mooiste foto’s maken met jouw smartphone? Volg dan een workshop smartphone fotografie bij mij. Het maakt niet uit welke telefoon je hebt.

Op mijn website en in mijn eBooks vertel ik vanuit mijn eigen kennis en ervaring. Wat je hier leest heb ik zelf ondervonden en diepgaand onderzocht, waarbij ik altijd op zoek ga naar de handigste werking, beste oplossing, of slimste methode. Alles is 100% door mijzelf geschreven.

Ook licht ik graag toe waarom iets zo werkt, wanneer bepaald gedrag optreedt en waar je in welke situatie(s) rekening mee moet houden.

Daardoor blijft het bij een tip, advies, of oplossing niet bij het ‘domweg’ uitvoeren van een trucje, maar begrijpt je echt waarom, hoe en wanneer je iets het beste toepast.