Met een beetje smartphone kun je tegenwoordig heel aardige macrofoto’s maken. Uiteraard kan dat zowel met een iPhone van Apple als met een Android-telefoon zoals die van Samsung. Maar is het wel een echte macrofoto, of word je een beetje (of zelfs een beetje veel) in de maling genomen? Ik heb het voor je uitgezocht!
Op smartphones is steeds vaker een speciale macromodus te vinden waarmee je erg leuke close-upfoto’s kunt maken van zoiets als paddenstoelen, bloemen, insecten, of vlinders. Jouw telefoon schakelt automatisch over naar deze macromodus zodra je een onderwerp dicht genoeg nadert. Heb je een iPhone? Dan werkt het helaas alleen als je over een Pro of een Pro Max model beschikt. Bij Samsung werkt het doorgaans met de Samsung Galaxy Ultra modellen.
Tip: Wil ook jij de mooiste foto’s maken met jouw smartphone? Volg dan een workshop smartphone fotografie bij mij. Het maakt niet uit welke telefoon je hebt.
Waarom macromodus
Waarom heb je eigenlijk een macromodus nodig? Elke lens heeft een zogenoemde minimale scherpstelafstand. Dat is de kortste afstand waarop de camera nog kan scherpstellen. Daardoor kun je vaak niet dichtbij genoeg komen om echt kleine dingen levensgroot in beeld te nemen. Denk aan de stampers en meeldraden van een bloem, of de facetogen van insecten. Macromodus is dan je redding om alsnog close-ups te maken.

Echt macro of surrogaat
Bij vrijwel alle smartphones wordt helaas een trucje gebruikt om de minimale scherpstelafstand van de lens te ‘omzeilen’, waardoor het alleen maar lijkt of je iets plotseling extra groot in beeld krijgt. Met andere woorden, er is geen échte macrolens aanwezig. Macromodus is kunstmatig.
Logisch, want er bestaat nu eenmaal geen magische truc om dichter bij een onderwerp te komen dan waartoe een lens optisch in staat is. Dat is fysiek gewoon onmogelijk. Het kan niet met een smartphone en ook niet met een traditionele camera zoals een spiegelreflex of systeemcamera. Daar heb je een speciale macrolens voor nodig.

De grote macrotruc – deel 1
Om het meteen maar te verkappen, smartphones gebruiken vaak dezelfde truc als wat de ‘Camera+’ app zo rond 2009 al deed. Zodra je in die app op de macroknop drukt, zoomt de camera ‘stiekem’ digitaal in, waardoor het lijkt of je ineens heel dicht op je onderwerp zit en allerlei kleine details plotseling veel groter in beeld staan.
Best een leuke truc hoor, maar het komt wel met een flinke prijs. Want de foto ziet er korrelig, wat waziger en weinig gedetailleerd uit. Immers, het is digitale zoom. Hierbij wordt veel beeldmateriaal (langs de fotoranden) simpelweg weggeknipt en dus weggegooid. Je houdt uiteindelijk aanzienlijk minder echte pixels over en dat zie je duidelijk.
In macromodus van veel smartphones wordt min-of-meer dezelfde truc toegepast als bij deze app. En daardoor verlies je ook weer veel beeldmateriaal, waardoor de beeldkwaliteit achteruit holt. Dat zie je niet zo snel op een klein telefoonscherm, vandaar dat je er vaak wel mee wegkomt. Tot je het beeld op je telefoon uitvergroot, of de foto op een televisie of computerscherm bekijkt. Dan zie je ineens luid en duidelijk dat de detaillering belabberd is. Vooral als je het vergelijkt met een foto die je op een iets grotere afstand en dus zónder macromodus maakt.


(bekijk je deze foto op een telefoonscherm, zoom dan een stuk in, want anders zie je het niet goed)
Uitzonderingen
Er bestaan ook telefoons met een ‘echte’ macrolens. Die hebben meestal wel een lage resolutie (zoals een bescheiden twee of vijf megapixels). Daarnaast werken ze alleen op een vaste korte afstand van bijvoorbeeld twee tot vijf centimeter. Ze hebben namelijk geen autofocus, dus je moet zelf exact de juiste afstand aanhouden door steeds te kijken of het onderwerp wel scherp in beeld is. Smartphones uit de A-serie van Samsung beschikken bijvoorbeeld over zo’n (echte) macrolens.
Soms heeft een telefoon zelfs een microlens en dan is het bijna of je door een microscoop kijkt. Je moet de telefoon dan wel op een afstand van luttele millimeters van je onderwerp houden. Tot slot bestaan er nog losse macrolenzen die je met bijvoorbeeld een soort ‘knijper’ of een speciale telefoonhoes over de camera van jouw telefoon schuift.

De grote macrotruc – deel 2
Terug naar de pseudo-macromodus van de doorsnee smartphone. Want wat opvalt is dat bij veel telefoons de beeldkwaliteit van macrofoto’s zelfs nog lager is dan je van digitale zoom zou verwachten. Dat komt doordat er tegelijkertijd een tweede truc wordt toegepast. Want zodra macromodus actief wordt omdat je een voorwerp heel dicht nadert, wordt er zonder dat je het merkt ‘stiekem’ overgeschakeld van de standaard camera (1x) naar de ultragroothoek (0,5x of 0,6x).
Waarom? Deze lens kan aanzienlijk dichterbij scherpstellen. Alleen… je krijgt met 0,5x of 0,6x natuurlijk wel veel en veel meer in beeld te zien dan met de standaard 1x-camera. Twee keer zoveel zelfs. Want van 1x naar 0.5x (of 0.6x) betekent een verkleiningsfactor van 2x (uitzoomen in plaats van inzoomen) en dus zie je twee keer zoveel van de omgeving.
Met andere woorden, je kunt nu wel dichter bij je onderwerp komen, alleen wordt alles tegelijkertijd twee keer zo klein en dat schiet natuurlijk niet op als je macrofoto’s wilt maken. Vandaar dat dit beeld automatisch wordt bijgesneden zodat het net lijkt of je nog gewoon de 1x-camera gebruikt. Met als grote verschil dat je nu veel dichter bij je onderwerp kunt komen, zodat het nóg groter in beeld verschijnt.
Kortom, macromodus houdt bij de meeste smartphones in dat er van 1x naar 0,5x wordt overgeschakeld én tegelijkertijd 2x digitaal wordt ingezoomd. That’s it!

Zien is geloven
Je kunt dit heel makkelijk controleren door handmatig naar de 0,5x-camera (of 0,6x) over te schakelen en daarna via de zoomregelaar (die verschijnt zodra je even je vinger op 0,5x gedrukt houdt of erop tikt) helemaal naar 0,9x te gaan.
Blijf dus wel een fractie lager dan 1x, want anders werk je weer met de 1x-camera. Jouw telefoon schakelt tijdens het ‘zoomen’ namelijk automatisch tussen de fysieke camera’s.
Dit betekent dat je die hele macromodus vaak niet eens nodig hebt. Je kunt net zo goed zelf naar 0,5x gaan en daarna inzoomen tot zoiets als 0,9x om hetzelfde resultaat te krijgen. Macromodus is meer een soort snelkoppeling.



Dit is nog steeds op dezelfde afstand als daarnet met de 1x-camera.

Als je goed oplet…
Nu zei ik daarnet dat je het niet merkt dat er wordt overgeschakeld van 1x naar 0,5x, maar als je goed oplet is het wel degelijk te zien. Kies de 1x-camera op een smartphone die over macromodus beschikt en houd het toestel op een centimeter of twintig afstand van zoets als een bloem, koffiekopje, of een ander voorwerp. Beweeg je telefoon dan heel rustig naar voren, dus naar dat object toe. Op een gegeven moment zal het beeld plotseling een fractie verspringen.
Het valt vooral op richting de beeldranden, in het beeldcentrum is het minder duidelijk. Daarnaast zie je dat de scherptediepte verandert, dat is de mate van vervaging van de achtergrond.
Ga je daarna weer wat verder weg met je telefoon, dan verspringt het beeld op een gegeven moment opnieuw.
Wat is er gebeurd?
Zodra je dichterbij gaat en het beeld plotseling verspringt, schakelt de telefoon over van de 1x-camera naar de 0,5x-camera. Maar omdat ze vlak naast elkaar zitten, zie je een kleine verspringing van het beeld. Net als wanneer je om beurten je ene en dan je andere oog dichtknijpt terwijl je een vinger vlak voor je houdt (houd wel steeds één oog open ;-) Ook vervagen deze twee camera’s (lenzen) de achtergrond op een ander manier (meer of minder).


Er is aanzienlijk minder achtergrondvervaging en het beeld is ‘brokkelig’ als je het groter bekijkt.

Gebruik het in je voordeel
Het is bijzonder handig om bij het maken van close-upfoto’s goed op deze twee effecten te letten. Dus het verspringen van het beeld én de veranderende scherptediepte.
Want dan kun je er altijd nog voor kiezen om net even iets meer afstand aan te houden, waardoor je een veel hogere beeldkwaliteit krijgt. Al is het onderwerp dan natuurlijk wel kleiner in beeld. Dat komt goed van pas als je iets wel van redelijk dichtbij wilt fotograferen, maar het ook weer geen macrofoto hoeft te worden. Dus als je merkt dat je ergens rond de grens van ‘waar de camera overspringt’ een foto wilt maken, is het beter om net even iets meer afstand aan te houden. Want het is enorm zonde als de beeldkwaliteit onnodig omlaag gaat terwijl je helemaal geen close-up wilt maken.
Wil je de pseudo-macromodus juist wel activeren, omdat je iets zo groot mogelijk in beeld wilt hebben? Dan ga je uiteraard wel dichterbij en laat je de camera overschakelen. Zolang je de lagere beeldkwaliteit dan maar voor lief neemt.
Macro-indicator
Om nog makkelijker te zien of en wanneer jouw iPhone naar de (gesimuleerde) macromodus overschakelt, kun je op een iPhone (Pro of Pro Max) een macro-indicator aanzetten. Start hiervoor de Instellingen-app, kies het onderdeel Camera en schakel de optie Macroregelaar in. Daarna verschijnt op het camerascherm een geel bloemetje zodra je een onderwerp dicht genoeg bent genaderd. Bij een geschikte telefoon van Samsung zie je dit bloemetje ook en hoef je niet eerst iets in te schakelen.
Tik erop om macromodus uit te schakelen als je het niet wilt gebruiken. Het kleurt dan grijs met een streep erdoor. Je moet daarna natuurlijk wel meer afstand aanhouden (tot het pictogram verdwijnt), want anders krijg je onscherpe foto’s. Macromodus staat nu immers uit. Kortom, let erop dat de grijze macro-indicator niet op het scherm is te zien voordat je afdrukt.

Zo dichtbij mogelijk
Wil je zo dichtbij mogelijk komen zonder dat de macromodus aanspringt? Ga dan zodra het gele of grijze macropictogram verschijnt heel rustig een stukje van het voorwerp vandaan. Net zolang tot het macropictogram weer verdwijnt. Dan is er altijd nog wat speling om nog net iets dichterbij komen. Dus ga je nogmaals naar voren en dit proces herhaal je (waar nodig) een paar keer met steeds kleinere stapjes.
Zo probeer je dus het optimale punt op te zoeken waar macromodus net niet inschakelt. Erg belangrijk, want elke centimeter die je dichterbij komt, maakt dat het onderwerp groter in beeld komt te staan.
Je kunt zo ook met eigen ogen zien wat het verschil in beeldkwaliteit is tussen een foto gemaakt met en zonder macromodus. Gewoon door er achtereenvolgens eentje te maken waar de gele macro-indicator wel en niet te zien is.

Tele-macro?
Je kunt ook de telelens van jouw smartphone gebruiken om kleine ding groter in beeld te brengen. Zelfs dan moet je blijven opletten, want elke lens heeft een minimale scherpstelafstand. Dus ook de telelens.
Kom je met de telelens te dichtbij? Dan schakelt de telefoon ditmaal over naar de 1x-camera en zoomt opnieuw flink digitaal in tot je weer hetzelfde ziet als wat je met de telelens zou zien. Alleen verschijnt er nu geen macropictogram op het scherm. Gelukkig zie je net als daarnet wel het beeld verspringen en de scherptediepte veranderen. Heel goed opletten dus.
Pas als je heel dichtbij bent, komt net als daarnet (met de 1x-camera) de 0,5x-camera of 0,6x-camera weer in actie en dan zie je het macropictogram wel verschijnen. Terwijl het nog steeds lijkt of de telelens actief is. Want die zie je onderaan het scherm als actieve camera (die kleurt bijvoorbeeld geel). Maar dat is dus helemaal niet het geval als je te dichtbij komt met de telelens! In feite is er nu dus twee keer overgeschakeld: eerst van de telelens (zoals 3x of 5x) naar 1x en vervolgens van 1x naar 0,5x of 0,6x.
Met de ultragroothoek (0,5x) kun je dus altijd het dichtst bij een onderwerp komen. Daarna volgt de standaard groothoeklens (1x) en met de telelens moet je altijd de meeste afstand aanhouden. Vandaar dat de overschakeltruc in combinatie met digitale zoom wordt toegepast bij 1x en de telelens.

Wat is nu wat?
Allemaal leuk en aardig, maar hoe kom je erachter of jouw smartphone niet ‘stiekem’ naar een andere camera is overgeschakeld? Hiervoor ga je naar de app Foto’s (iPhone) of Galerij (Android) en vraagt de details op van jouw ‘macrofoto’. De brandpuntsafstand en het diafragma verklappen of er wel of niet is overgeschakeld. Daarom is het wel zo handig als je weet welke getallen bij welke camera horen. Daar kom je heel makkelijk achter door even met elke camera een gewone (niet-macro) foto te maken en de bijbehorende getallen te onthouden of ergens te noteren. Daar lees je hier alles over.


Tip: Wil ook jij de mooiste foto’s maken met jouw smartphone? Volg dan een workshop smartphone fotografie bij mij. Het maakt niet uit welke telefoon je hebt.
Samenvatting
In macromodus lijkt het of je met je smartphone erg dichtbij kunt scherpstellen om macrofoto’s of close-ups te maken. In werkelijkheid wordt er van de 1x-camera overgeschakeld naar een andere camera (de 0,5x of 0,6x) omdat alleen die van heel dichtbij kan scherpstellen. Tegelijkertijd wordt het beeld sterk bijgesneden zodat het lijkt of je nog steeds met de 1x-camera fotografeert.
Het gevolg is dat de foto wel scherp is, maar het beeld toch waziger oogt dan je zou verwachten en het beeld vooral weinig gedetailleerd is. Om dit te voorkomen kun je beter net iets meer afstand aanhouden om het omschakelen van camera’s te voorkomen. Of je gebruikt macromodus wel als je het verlies aan beeldkwaliteit voor lief neemt.
Op mijn website en in mijn eBooks vertel ik vanuit mijn eigen kennis en ervaring. Wat je hier leest heb ik zelf ondervonden en diepgaand onderzocht, waarbij ik altijd op zoek ga naar de handigste werking, beste oplossing, of slimste methode.
Ook licht ik graag toe waarom iets zo werkt, wanneer bepaald gedrag optreedt en waar je in welke situatie(s) rekening mee moet houden.
Daardoor blijft het bij een tip, advies, of oplossing niet bij het ‘domweg’ uitvoeren van een trucje, maar begrijpt je echt waarom, hoe en wanneer je iets het beste toepast.