Gepost op

Moet je als fotograaf per se overstappen naar full frame? Of heb je aan APS- C ook wel genoeg?

Full frame of APS-C

Je hebt een leuke digitale camera, of je fotografeert met je smartphone. Maar je wilt meer instelmogelijkheden hebben en mooiere foto’s maken. Er moet dus een (andere) camera komen, heb je zojuist besloten. Maar welke moet je kopen? Als je hier en daar wat navraag doet, word je al snel richting een zogenaamde full frame camera gestuurd. Maar heb je die echt nodig, of voldoet een toestel met een APS-C sensor ook wel?

Verschil tussen full frame en APS-C

Wat is eigenlijk het verschil tussen een full frame camera en een APS-C camera? Het draait allemaal om de grootte van de beeldsensor. De sensor van een camera is bepalend voor de beeldkwaliteit, maar heeft meteen ook grote invloed op de grootte en het gewicht van het toestel en niet te vergeten de prijs die je voor de camera en de bijbehorende objectieven moet neerleggen. Vandaar dat het verstandig is om een aantal afwegingen te maken, voordat je een berg geld uitgeeft. Zoals welke beeldkwaliteit heb je werkelijk nodig, hoe groot en zwaar mag jouw apparatuur zijn en ook niet onbelangrijk, hoeveel geld heb je daarvoor over.

Twee camerasystemen

Bij een full frame camera is de beeldsensor net zo groot als vroeger een beeldje op het negatief van een analoge camera. Het wordt daarom ook wel als volbeeld of 35 millimeter formaat aangeduid. In de begintijd van de digitale camera was het extreem complex en duur om een goedwerkende beeldsensor te maken. Een APS-C sensor was in die tijd daarom vooral een goedkoper en eenvoudig(er) te maken alternatief. Door de jaren heen hebben full frame en APS-C zich steeds meer als twee volwaardige camerasystemen ontwikkeld. APS-C is dus zeker niet meer zomaar een goedkoper of eenvoudiger of minderwaardig alternatief. Of je nu amateurfotograaf of beroepsfotograaf bent, je kunt nu kiezen wat het beste bij jouw eisen en wensen en manier van werken past.

Groter is niet altijd beter

In het algemeen kun je zeggen dat hoe groter de beeldsensor is, hoe hoger de beeldkwaliteit theoretisch kan zijn. Het draait hierbij allemaal om de pixels, dus de lichtgevoelige cellen die op een sensor zitten. Hoe groter deze cellen zijn, hoe meer licht ze kunnen opvangen en hoe minder gevoelig ze zijn voor allerlei storingen. Op een grote sensor is meer ruimte dan op een kleine sensor en dus kun je de cellen meer ruimte geven. Daar krijg je automatisch mooiere foto’s van. Alleen niet altijd.

Het verhaal van de hogere beeldkwaliteit gaat alleen op als ook het aantal megapixels min of meer gelijk blijft. Want stel dat je op een twee keer zo grote sensor meteen ook maar twee keer zoveel pixels plaatst omdat je zoveel extra ruimte tot je beschikking hebt. Dan heb je wel een heel grote sensor, de individuele fotocellen zijn nu alsnog ongeveer even groot vergeleken met een kleine sensor. En dus ben je de voordelen meteen weer kwijt. Oftewel, je kunt wel een grotere auto kopen om meer ruimte te hebben en comfortabeler te zitten, als je er vervolgens twee keer zoveel mensen inpropt… De beeldkwaliteit van een full frame camera is daarom niet per definitie beter dan die van een APS-C camera.

Afmetingen van je fotoapparatuur

Als de beeldsensor klein is, kan de camera ook klein blijven. Kijk maar naar een compact camera of een smartphone. Die hebben zeer kleine beeldsensors. Vandaar dat een APS-C camera doorgaans kleiner is dan een full frame camera. Nu bestaan er uiteraard best wel grote APS-C camera’s en ook compacte full frame camera’s, dus het verschil is niet altijd overduidelijk.

Bij de objectieven ligt dit anders. Een lens voor full frame is beduidend groter dan een vergelijkbaar exemplaar voor APS-C. Dit komt omdat er een grotere beeldcirkel nodig is om die grotere sensor volledig te belichten. Je hebt een langere brandpuntafstand nodig om hetzelfde in beeld te blijven zien. Om een postzegel te verlichten kun je met een piepklein zaklampje heel dichtbij gaan staan. Wil je een poster verlichten, dan moet je met een grotere zaklamp verder weg gaan staan om hem net zo goed in het licht te zetten. Dus ondanks dat een full frame camera misschien niet altijd enorm veel groter is, zullen de objectieven wel beduidend groter en zwaarder en duurder zijn.

Kleinste scherptediepte

Maak je graag foto’s met extreem weinig scherptediepte? Bijvoorbeeld een portretfoto met een sterk vervaagde achtergrond? Of een bloemetje waarbij het bloemenveld in een wazige kleurenmassa verandert? Dan past full frame goed bij jou. Met de juiste lens kun je heerlijk met onscherpe voor- en achtergronden werken.

Met APS-C kan dit ook prima, alleen blijft de achtergrond net wat scherper omdat de scherptediepte nu eenmaal groter is. Het scheelt niet enorm veel, maar als je echt het onderste uit de kan wilt halen, maakt het zeker uit. Om full frame op dit gebied te evenaren heb je bij APS-C een extra lichtsterke lens nodig. Lichtsterker dus dan voor full frame nodig is. De rek is er daarom eerder uit, want lichtsterker dan f/1.2 kom je zelden tegen.

Context laten zien

Nu is zeker niet iedereen altijd maar op zoek naar de kleinste scherptediepte. Door de achtergrond net wat herkenbaarder te laten in plaats volledig in een waas te veranderen, laat je de omgeving ook een rol spelen in je foto’s. Je gaat toch niet voor niets naar de mooiste locaties in binnenland en buitenland toe? Dan wil je er ook iets van terugzien. Anders kun je net zo goed in een studio voor een gekleurde achtergrond gaan staan.

Met full frame is het in bepaalde omstandigheden een stuk lastiger om veel van je onderwerp of de omgeving scherp op de foto te krijgen. De scherptediepte is immers van nature kleiner. In dat geval heb je veel aan een APS-C camera. Zonder dat je er veel moeite voor hoeft te doen, heb je al meteen meer scherp in beeld. Welk cameratype het beste bij je past, hangt daarom sterk af van jouw fotografiestijl.

Nog kleinere sensoren geven je nog meer scherptediepte. Denk aan micro four thirds (Olympus en Panasonic) of een handzame camera met een 1 inch sensor (zoals Sony RX100, Canon G7 X Mark II). Dat is bijvoorbeeld handig als je van macrofotografie houdt. Je hebt dan veel scherptediepte zonder dat je al meteen tijdrovende of ingewikkelde trucs zoals focus stacking hoeft toe te passen. Kortom, een kleinere sensor kan zo zijn voordelen hebben.

Weinig licht

Full frame is erg geschikt als je veel bij weinig licht werkt. Een grote sensor met grote cellen (pixels) heeft namelijk minder last van ruis (storing). Maar ook als die sensor niet overmatig veel pixels heeft gekregen, is de uiteindelijke beeldkwaliteit niet per definitie hoger dan bij APS-C.

Want is er nog maar weinig licht, dan heb je een grotere lensopening nodig (bijvoorbeeld f/4 of f/2.8) om nog uit de hand te kunnen fotograferen. Daarmee neemt de scherptediepte snel af. Bij full frame wordt de scherptediepte nu misschien te klein om iets nog op de gewenste manier vast te leggen. Terwijl de scherpte bij APS-C bij dat diafragma nog steeds ruim voldoende kan zijn.

Als oplossing zou je een kleinere lensopening op je full frame camera kunnen instellen (een groter diafragmagetal zoals f/8) waardoor de scherptediepte weer toeneemt, maar dan moet de ISO-waarde omhoog en neemt de beeldkwaliteit alsnog af. Daar heb je geen full frame voor gekocht. Bij APS-C is dit minder snel nodig omdat je standaard al meer scherptediepte hebt en je tegelijkertijd de iso-waarde lager kunt houden.

Goed, beter,best

Overigens lijkt full frame voor veel fotografen het hoogst haalbare en het ultieme doel, maar er bestaan nog veel grotere sensoren. En dus is een nog hogere beeldkwaliteit en een nog kleinere scherptediepte ook dan nog steeds mogelijk. Dan kom je wel uit bij een middenformaat camera met bijbehorende objectieven en die kosten nogal wat. Dit alternatief wordt dan ook vaak snel weer van tafel geveegd, onder het mom van prijs-prestatieverhouding. Terwijl dat argument maar zelden genoemd wordt bij een discussie over full frame versus APS-C 😉 Toch is het handig om dit in gedachten te houden zodra je een nieuwe camera zoekt. Want zoals met alles kan het altijd beter. Maar hoeveel beter wordt het in vergelijking tot de toename in prijs?

Conclusie

Een grotere beeldsensor zorgt in principe voor een betere beeldkwaliteit. Mits het aantal megapixels ongeveer gelijk blijft, want anders raak je het voordeel (geheel of deels) meteen weer kwijt. De scherptediepte bij full frame is kleiner dan bij een APS-C sensor. Dat is handig als je in combinatie met een lichtsterke lens (sterk) vervaagde achtergronden wilt hebben. Wil je liever wat meer herkenbaar op de foto krijgen? Bijvoorbeeld omdat je redactionele portretten maakt of van macrofotografie houdt? Dat lukt makkelijker met een APS-C (of nog kleinere) sensor.

De beeldkwaliteit van full frame en APS-C ontloopt elkaar tegenwoordig sowieso niet zo heel veel meer. Wel is er een duidelijk verschil in grootte, gewicht en prijs bij de camera’s en met name bij de objectieven. Kijk daarom vooral naar welk camerasysteem het beste past bij jouw eisen en wensen en fotografiestijl. Wat ga je ermee doen, wat voor soort foto’s wil je maken, hoe hoog moet de beeldkwaliteit zijn en hoeveel geld heb je daar vervolgens voor over.

Ben je er uit? Dan staat je nog een tweede belangrijke keuze te wachten. Want of je nu voor full frame of APS-C kiest, vervolgens is het de vraag of je voor een spiegelreflex of een systeemcamera moet kiezen!